Maar toch denk ik graag dat iemand bij De Morgen er voor de lol dit soort mopjes insteekt...
woensdag, januari 11, 2012
As himself...
Maar toch denk ik graag dat iemand bij De Morgen er voor de lol dit soort mopjes insteekt...
maandag, december 05, 2011
For shame!
Beste De Morgen,
Al die "Persoon X gooit de handdoek" titels irriteerden me matig. De eigenlijke uitdrukking is 'de handdoek in de ring gooien', afkomstig uit de bokswereld, waarbij de trainer een match kan forfaiteren door een handdoek in de ring te gooien. Gewoon zeggen dat iemand een handdoek gooit, betekent niets anders dan dat er letterlijk met een handdoek gegooid wordt en is meestal geen nieuws. Ongetwijfeld worden deze titels ingedekt met een 'je snap toch wat er staat', maar dat argument is amper geldig in gesproken conversaties en in het geheel niet in wat we nog steeds 'een kwaliteitskrant' noemen.
Maar de titel "Pizzakoning Herman Cain gooit de handschoen in presidentsrace" betekent het omgekeerde van wat er bedoeld wordt. 'De handschoen werpen' betekent een uitdaging geven, 'de handschoen opnemen' betekent een uitdaging aangaan. Maar Cain gooit de handdoek in de ring. Geeft de handschoen terug, misschien, als het echt iets met handschoenen moet zijn?
Om kort te gaan, als jullie me toch nog als freelance eindredacteur willen aannemen, ik ben nog steeds beschikbaar. Want het wordt zo stilaan toch wel gênant...
Vriendelijke groet,
Folker
Al die "Persoon X gooit de handdoek" titels irriteerden me matig. De eigenlijke uitdrukking is 'de handdoek in de ring gooien', afkomstig uit de bokswereld, waarbij de trainer een match kan forfaiteren door een handdoek in de ring te gooien. Gewoon zeggen dat iemand een handdoek gooit, betekent niets anders dan dat er letterlijk met een handdoek gegooid wordt en is meestal geen nieuws. Ongetwijfeld worden deze titels ingedekt met een 'je snap toch wat er staat', maar dat argument is amper geldig in gesproken conversaties en in het geheel niet in wat we nog steeds 'een kwaliteitskrant' noemen.
Maar de titel "Pizzakoning Herman Cain gooit de handschoen in presidentsrace" betekent het omgekeerde van wat er bedoeld wordt. 'De handschoen werpen' betekent een uitdaging geven, 'de handschoen opnemen' betekent een uitdaging aangaan. Maar Cain gooit de handdoek in de ring. Geeft de handschoen terug, misschien, als het echt iets met handschoenen moet zijn?
Om kort te gaan, als jullie me toch nog als freelance eindredacteur willen aannemen, ik ben nog steeds beschikbaar. Want het wordt zo stilaan toch wel gênant...
Vriendelijke groet,
Folker
maandag, oktober 31, 2011
A Rose by Any Other Name
Het artikel over het populismeonderzoek van Elchardus enSpruyt (DM 29/10) bevat vreemde uitgangspunten. Waar er staat “Zij definiëren populisme als een kloof tussen goede, verstandige 'gewone mensen' enerzijds en [een] wereldvreemde en al dan niet corrupte 'elite' anderzijds.” denk ik dat ze het waarnemen van een vermeende kloof bedoelen. Anders zou populisme iets zijn als de loonkloof, namelijk een statistisch feit.
Maar zelfs dan is deze definitie nodeloos beperkt. Door de verplichte tegenstelling tussen het volk en de elite, vallen populistische leiders die zelf deel uitmaken van de elite, zoals Chavez of Poetin, onmiddellijk uit de boot. De schuld bij de elite leggen is slechts één mogelijkheid tot het creëren van een zondebok. En hoewel elke populist een zondebokgroep nodig heeft, kan dit evengoed op basis van ethniciteit, sociale klasse of taal.
Een tweede vreemd uitgangspunt, naast de beperkende definitie, is de bewering dat het populisme enkel een succesvolle strategie kan zijn als er hiervoor een voedingsbodem bestaat. Dit is echter niet zo voor de hand liggend en lijkt eerder wishful thinking dan wetenschap. Een populist kan immers evengoed falen door de eigen onkunde als door het gebrek aan voedingsbodem. Omgekeerd kan een populist die slaagt evengoed zelf de voedingsbodem gecreëerd hebben.
Een duidelijk, maar altijd precair voorbeeld van het populisme is het nationaal-socialisme. Als we de lijn van dit populismeonderzoek doortrekken, volgt daaruit dat de genocides onder leiding van de NSDAP de natuurlijke uitloper waren van een algemeen heersend gevoel onder het Duitse volk waar Hitler en de zijnen op inspeelden. Dit is op zich zeker aannemelijk. Maar dit gevoel was waarschijnlijk geen irrationele haat voor iedereen die op een of andere manier “anders” (tussen vette aanhalingstekens) was. Het heersende sentiment dat toen misbruikt werd, was er eerder één van wanhoop en armoede vanwege de torenhoge staatschuld en slabakkende economie die het land in hun greep hielden in de nasleep van de Eerste Wereldoorlog. En dáárvoor boden de nazi’s een gigantische zondebok die, eens geslacht, alle problemen zou oplossen.
De grootste misvatting lijkt me dan ook dat de onderzoekers uitgaan van het bestaan van een populatie die niet als voedingsbodem voor het populisme kan dienen. Het is in tijden van economische crisis altijd aantrekkelijk om één groep te beladen met alle zonden van Israël en deze vervolgens uit de samenleving te verwijderen, met geweld of desnoods met een staatshervorming. Maar ‘het volk’ laat maar zelden een slogan die haar aanspreekt links liggen. Of we nu met z’n allen Barabas vrijlaten, uit volle borst “Geen gezeik, iedereen rijk!” scanderen, dan wel alle problemen van de samenleving vatten onder de noemer “verstrikking”, ik denk dat het pas nieuws kan genoemd worden als er een grote groep mensen wordt gevonden die niét vatbaar is voor populisme.
Folker Debusscher
gepeupel
Antwerpen
Folker Debusscher
gepeupel
Antwerpen
donderdag, augustus 25, 2011
God, shmod
In reactie op Rik Torfs (DM23/08)
Die god van u, monseigneur Torfs, is in het beste geval een leugenaar en in het slechtste geval een apathische lul. Een almachtig wezen dat daadwerkelijk het universum zou hebben geschapen, is waarschijnlijk in het geheel onkenbaar, op elk vlak. Maar ik vraag me af waarom u en de uwen hem/haar/het dan behandelen als een Ancien Régime koning(in?) die boven elke kritiek verheven is en teert op nepotisme en vlijerij.
De medewerker van Het Nieuwsblad is niet ontslagen uit een antitheïstische gag reflex, maar omdat het de beste manier was om aan schadebeperking te doen. Hij was niet de eerste en zal ook niet de laatste zijn die een calamiteit als een straf ziet. En dat, monseigneur Torfs, dat mensen die lijden en sterven dit doen omdat ze een reeks arbitraire en archaïsche regels niet volgen, is niet alleen onzin (ik wil geen mopje maken over hoe gelovigen even makkelijk sterven als de ketters), maar onwaarschijnlijk grof, kwetsend en neerbuigend. Daarom is de man ontslagen.
Daarnaast is het een al te makkelijke verdediging om te zeggen dat wie zich snel ergert aan arrogante gelovigen met bekeringsdrang eigenlijk op zoek is naar een god. Net zoals veruit de meeste homofoben niet stiekem homoseksueel zijn, zo is waarschijnlijk lang niet elke antitheïst stiekem gelovig. Er zullen waarschijnlijk zelfs meer homofobe homoseksuelen bestaan dan antitheïstische theïsten, al was het maar omdat religie nog steeds veel makkelijker wordt geaccepteerd door niet-theïsten, dan zowat alle mogelijke vormen van afwijkend gedrag door religieuzen.
Religie is, laten we wel wezen, achterhaald. Het was een manier om de realiteit – dat onmogelijk complex geheel – te interpreteren voor we betere instrumenten ontwikkelden. Religie verhoudt zich tot de hedendaagse maatschappijorganisatie, ethiek en wetenschap, zoals de alchemie zich tot de chemie verhoudt, zoals de abacus zich verhoudt tot de Samsung Galaxy Tab en zoals bloedzuigers zich tot de moderne geneeskunde verhouden.
Men is bang van god om dezelfde reden als kinderen in het donker bang zijn van monsters. Gelukkig steken steeds meer mensen het licht aan. Maar als u wil, mag u in uw duisternis blijven zitten.
Vriendelijke groet,
Folker
woensdag, april 13, 2011
Gedeelde smart is halve smart
Is gelijkheid misschien de oplossing voor één of twee samenlevingsproblemen?
In reactie op Marc De Vos (DM 13/04).
Het is me, na drie lezingen, nog steeds niet duidelijk waarom professor De Vos zijn bijdrage (DM 13/04) precies geschreven heeft. Wat als het inderdaad is zoals De Vos zegt, dat samenlevingen met meer maatschappelijk vertrouwen ‘gewoon’ meer aan inkomensverdeling doen? Zolang we geen manier hebben om dit maatschappelijk vertrouwen op te krikken, lijkt het toch geen slecht idee om op z’n minst eens te kijken wat er gebeurt als we de inkomensongelijkheid ‘gewoon’ iets minder extreem maken.
Of zijn we zelfs daar niet Scandinavisch genoeg voor? Want laten we wel wezen, wij zijn geen Scandinaven. Maar we zijn ook geen Fransen, Britten of Amerikanen, en toch hebben we een parlementaire democratie, een grondwet en een lichte neiging tot vetzucht. Cultuur is geen persoons- of locatiegebonden iets en werd al geëxporteerd en geïmporteerd nog voor er monetair systeem bestond.
Maar dit monetair systeem blijkt uiteindelijk de grootste struikelblok. Want meer inkomensgelijkheid zou de opkomende economieën afremmen; een schande, nadat we ons er al jarenlang zo hard voor hebben ingezet... Meer inkomensgelijkheid zou zelfs niet mogelijk zijn in een kenniseconomie en zou in feite niets meer of minder betekenen dan de ondergang van ons systeem. Enorme overheidsschulden, geen sociale zekerheid en vergeet al helemaal enige vorm van innovatie en investering.
Daar komt het op neer, volgens professor De Vos: ongelijkheid is inherent aan het systeem en veel meer dan wat formele steunbetuiging aan menselijke gelijkheid kunnen we niet geven, omdat het systeem altijd de hoogste prioriteit heeft. Geen ongelijkheid, geen systeem; geen systeem, blinde paniek.
“Ongelijkheid heeft nadelen,” eindigt professor De Vos, “maar meer gelijkheid is ook niet gratis.” Uiteraard, maar waar ongelijkheid voornamelijk in natura betaald wordt door de onderlaag, worden de kosten van gelijkheid door de hele maatschappij gedragen.
Kunnen we daar niet op z’n minst naar proberen te streven?
Folker
In reactie op Marc De Vos (DM 13/04).
Het is me, na drie lezingen, nog steeds niet duidelijk waarom professor De Vos zijn bijdrage (DM 13/04) precies geschreven heeft. Wat als het inderdaad is zoals De Vos zegt, dat samenlevingen met meer maatschappelijk vertrouwen ‘gewoon’ meer aan inkomensverdeling doen? Zolang we geen manier hebben om dit maatschappelijk vertrouwen op te krikken, lijkt het toch geen slecht idee om op z’n minst eens te kijken wat er gebeurt als we de inkomensongelijkheid ‘gewoon’ iets minder extreem maken.
Of zijn we zelfs daar niet Scandinavisch genoeg voor? Want laten we wel wezen, wij zijn geen Scandinaven. Maar we zijn ook geen Fransen, Britten of Amerikanen, en toch hebben we een parlementaire democratie, een grondwet en een lichte neiging tot vetzucht. Cultuur is geen persoons- of locatiegebonden iets en werd al geëxporteerd en geïmporteerd nog voor er monetair systeem bestond.
Maar dit monetair systeem blijkt uiteindelijk de grootste struikelblok. Want meer inkomensgelijkheid zou de opkomende economieën afremmen; een schande, nadat we ons er al jarenlang zo hard voor hebben ingezet... Meer inkomensgelijkheid zou zelfs niet mogelijk zijn in een kenniseconomie en zou in feite niets meer of minder betekenen dan de ondergang van ons systeem. Enorme overheidsschulden, geen sociale zekerheid en vergeet al helemaal enige vorm van innovatie en investering.
Daar komt het op neer, volgens professor De Vos: ongelijkheid is inherent aan het systeem en veel meer dan wat formele steunbetuiging aan menselijke gelijkheid kunnen we niet geven, omdat het systeem altijd de hoogste prioriteit heeft. Geen ongelijkheid, geen systeem; geen systeem, blinde paniek.
“Ongelijkheid heeft nadelen,” eindigt professor De Vos, “maar meer gelijkheid is ook niet gratis.” Uiteraard, maar waar ongelijkheid voornamelijk in natura betaald wordt door de onderlaag, worden de kosten van gelijkheid door de hele maatschappij gedragen.
Kunnen we daar niet op z’n minst naar proberen te streven?
Folker
dinsdag, februari 01, 2011
Omdat een mens iets moet doen met irritatie
In reactie op Fons Vanden Berghe (in Humo 3674):
Zeggen dat alle dokters die zich niet laten inenten automatisch tegen vaccins zijn, is zeer kort door de bocht, aangezien een groot deel van de beroepsbevolking uit gezonde volwassenen bestaat die niet in een risicogroep zitten; meer zelfs, als een vaccin maar beperkt beschikbaar is, kan een gezonde volwassene ethisch gezien moeilijk anders dan weigeren.
Maar laten we vooral stoppen met de term 'alternatieve geneeskunde' te gebruiken, want dat doet uitschijnen dat het een wetenschap is. In tegenstelling tot vaccins, worden 'alternatieve geneeswijzen' (of het nu gaat om stenen met magische, sorry, energetische eigenschappen, of giftige stoffen die zodanig verdund zijn dat er enkel water overblijft) op geen enkele manier getest waaruit zou kunnen blijken of ze al dan niet werken. Behalve natuurlijk door de cynische non-believers die allemaal in de zak van de farma-industrie zitten en samen met de duivel grote wetenschapsorgieën houden bovenop hun bergen geld. Zij hebben al duidelijk aangetoond dat er in feite geen alternatief is voor geneeskunde.
Behalve blinde hoop, misschien, maar dat kan ik u minstens de helft goedkoper aanbieden.
Zeggen dat alle dokters die zich niet laten inenten automatisch tegen vaccins zijn, is zeer kort door de bocht, aangezien een groot deel van de beroepsbevolking uit gezonde volwassenen bestaat die niet in een risicogroep zitten; meer zelfs, als een vaccin maar beperkt beschikbaar is, kan een gezonde volwassene ethisch gezien moeilijk anders dan weigeren.
Maar laten we vooral stoppen met de term 'alternatieve geneeskunde' te gebruiken, want dat doet uitschijnen dat het een wetenschap is. In tegenstelling tot vaccins, worden 'alternatieve geneeswijzen' (of het nu gaat om stenen met magische, sorry, energetische eigenschappen, of giftige stoffen die zodanig verdund zijn dat er enkel water overblijft) op geen enkele manier getest waaruit zou kunnen blijken of ze al dan niet werken. Behalve natuurlijk door de cynische non-believers die allemaal in de zak van de farma-industrie zitten en samen met de duivel grote wetenschapsorgieën houden bovenop hun bergen geld. Zij hebben al duidelijk aangetoond dat er in feite geen alternatief is voor geneeskunde.
Behalve blinde hoop, misschien, maar dat kan ik u minstens de helft goedkoper aanbieden.
maandag, december 20, 2010
Vloek
Goden, bedwing uw gal.
Oh, meesters van lot en leven,
Dien nu uw scheppers
(de mens verheven)
Vernietig vriend en vijand,
Eer de hypocriet.
Redenen zonder rede,
De dood van het verdriet.
Oost, West,
Meer voor de mijnen,
Minder voor de rest.
Ergens is er wel een nieuwe oerknal.
Goden, bedwing uw gal.
Oh, meesters van lot en leven,
Dien nu uw scheppers
(de mens verheven)
Vernietig vriend en vijand,
Eer de hypocriet.
Redenen zonder rede,
De dood van het verdriet.
Oost, West,
Meer voor de mijnen,
Minder voor de rest.
Ergens is er wel een nieuwe oerknal.
Goden, bedwing uw gal.
maandag, oktober 11, 2010
Profetie
Aangezien dit soort etherische lezersbrieven maar zelden in aanmerking komen voor publicatie, ben ik blij dat een 21ste eeuwse jongeling als ik over een klein forumpje kan beschikken. Het bereik is misschien een stuk kleiner, maar de impact ervan is waarschijnlijk even groot. In een bevlieging ga ik er een kleine inleiding voor plaatsen, en als u maar één iets leest, lees dan liever de inleiding dan de lezersbrief zelf.
Er bestaat een profetische afschuw. Een profetische haat. Die ontspruit niet uit angst of eigenbelang, maar borrelt, onstelpbaar als een bron, op uit het mededogen met het leven van de kleinen en de vertrapten. Die profetische, toornige haat, tegen de dood, tegen de oorlog, tegen de macht, tegen het onrecht, tegen de lafheid, is heilzaam. En onmisbaar. Want voor je het weet, word je ongemerkt ingesponnen in gerieflijke machtswebben. Tot collaboratie gedwongen, of ertoe verlokt. Om je als een vrij mens staande te houden in een wereld van machtsnetwerken en functionele circuits, efficiënt geschakeld als elektronische bedradingen, mag je de ogen niet sluiten voor de slechtheid van de wereld, maar moet je haar juist met paranoïde hardnekkigheid opzoeken , om er dan, zo radicaal als het kan, en met het volste morele voorbehoud, afstand van te nemen en er iets anders tegenover te stellen, iets ongehoord, iets ongezien - een tegenschepping. Fris en klaterend als een bergbeek.
Weyns, Walter (2008), 'Het geval Canetti'. Leuven & Voorburg: Acco
Het nationalisme, die religie van de seculiere samenleving, grijpt weer duchtig om zich heen. Met de altijd aanwezige implicaties van een ‘natuurlijk volk’ en een ‘artificiëel land’, het soort onzin waar te weinig mensen blijkbaar echt over nadenken, worden we verdeeld in de onzen en hunnen; Dat een ‘natuurlijk volk’ niets meer is dan een irreëel ideaalbeeld, en dat elk land, per definitie, artificiëel is, dat gaat verloren in de strijd die macht altijd met zich meebrengt.
België heeft wel degelijk problemen, maar onze oplossingen lijken niets meer te zijn dan het doortrekken van de lijn die deze probelemen in de eerste plaats veroorzaakt heeft. Ons opgeblazen politiek apparaat kost ons nu al handen vol geld, en om het efficiënter te doen lopen, gaan we bevoegdheden splitsen die nu door één kabinet worden gedragen, en en effect het aantal politici en werknemers daarvoor verdubbelen.
Wat uiteraard het gevolg is van onze tamelijk zeldzame situatie, namelijk die ene minderheidsgroep die bijna op elk vlak gelijkwaardig is aan de meerderheid. Tot ruim een halve eeuw gelden waren “wij, Vlamingen”, die minderheidsgroep. Zolang ik al leef, echter, ongeveer een kwarteeuw, heeft Vlaanderen op geen enkel vlak, cultureel, economisch of politiek, voor Wallonië moeten onderdoen. Ik heb nog nooit een Franstalige premier, sorry, eerste minister gehad. Maar zo gedragen we ons wel, als een opgegroeide Calimero, nu eerder wat zielig en genânt, dan schattig en hulpbehoevend.
Het is niet de (d)evolutie waar ik op gehoopt had. In plaats van ons te gedragen als kinderen die thuis geslagen werden en nu zelf hun kinderen te slaan, had ik gehoopt op een ‘goed, eendracht maakt macht, laten we eens kijken hoe we dichter naar elkaar toe kunnen groeien.’ Een diversificatie van onze identiteit en een unificatie van ons streven. Wat we zouden kunnen bereiken. Een bevolking die haast zonder fout twee-, of zelfs drietalig is, zou de basis kunnen vormen voor een Europese eenheid die zich met een zekere geloofwaardigheid kan profileren als een stabilizerende kracht in deze wankele tijden. Een harmonisering van de Angel-Saksische, de Romaanse en de Germaanse zienswijzen, dat is wat ik België had zien worden; een kleine stap in de juiste richting.
Maar eigen volk eerst is jammer genoeg niet langer enkel de wensdroom van een marginale neofascist. Bart De Wever is zeker geen Geert Wilders, maar wat de mensheid als verbonden geheel betreft, zit België niet in een processie van Echternach, maar doet het een licht belachelijke moonwalk.
Folker Debusscher
Antwerpenaar, Vlaming, Belg, Europeaan, Terraan
donderdag, mei 20, 2010
Noem een robotpak niet de eerste cyborg
Een lezersbrief (die waarschijnlijk niet gepubliceerd zal worden):
In DM 20/05 wordt het HAL robotpak van Cyberdyne de eerste cyborg genoemd, een combinatie van technologie en een organisme. Dit houdt echter geen steek, voor geen enkele definitie van cyborg. Ofwel gaat het om optionele, verwijderbare verbeteringen en/of uitbreidingen van de menselijke vaardigheden, wat het robotpak is, maar waar evengoed nacht- en infraroodkijkers (die een voor ons onzichtbaar deel van het lichtspectrum zichtbaar maken) of zelfs gsm’s en smartphones (die ons geheugen en onze communicatiemogelijkheden uitbreiden) onder vallen. Ofwel gaat het om een daadwerkelijke versmelting tussen cybernetics en organics, wat met pacemakers en cochleaire implantaten al veel langer gebeurt.
Al is het overnemen van het verkoopspraatje van Cyberdyne waarschijnlijk geen slecht idee. Zij zullen in de toekomst immers Terminatorrobots maken (althans volgens de films). En ook HAL is geen naam zonder (apocalyptische) connotaties. Onze toekomstige robotheersers paaien lijkt een goeie overlevingstactiek...
Folker Debusscher
Verbeterd door technologie sinds 1991
Antwerpen
donderdag, januari 14, 2010
Enkel een mooi, blauw snoetje
Omdat het een non-issue is en De Morgen het niet publiceert (and really, who can blame 'em?): een lezersbrief.
Er is veel te doen om ‘Avatar’, niet in het minst vanwege de hoeveelheid geld die de film al in het laatje heeft gebracht. En, toegegeven, voor een film die zich vrijwel integraal afspeelt op een andere planeet met drie meter lange mensachtigen als the good guys is dit een indrukwekkende verwezenlijking. Daar waar science-fiction en fantasy verhalen nog niet zo lang geleden tot de verguisde nerd subcultuur behoorden, zijn ze ondertussen een volledig geaccepteerd deel van de mainstream popcultuur, getuige ‘Avatar’. Maar hoewel het design uitmuntend is en de technieken die Cameron voor deze film ontwikkelde vooruitstrevend en grensverleggend zijn, is ‘Avatar’ op geen enkele manier “de Sergeant Pepper van de scifi”, zoals Tom Vandyck schreef.
Waarom? Omdat de driedimensionale visuele pracht ruimschoots gecompenseerd wordt door de eendimensionale personages die het stereotype verhaaltje bevolken. Het zijn (bijna) drie entertainende uren, zeker wel, maar ze zijn ongeveer even intellectueel stimulerend als een Michael Bay film. Daar is uiteraard niets mis mee, maar laten we niet te snel onder de indruk zijn van oude wijn in computer gegenereerde zakken. Na audio-visuele sci-fi als ‘Blade Runner’, de recente ‘Battelstar Galactica’ reeks of zelfs ‘The Man From Earth’ – ik zeg maar wat – is ‘Avatar’ niet veel meer dan een mooi, breedgeschouderd, maar ietwat debiel bastaardkindje.
Ben ik trouwens de enige die denkt dat de mensheid na het einde van de film gewoon terugkeert om het hele planeetoppervlak plat te bombarderen?
Folker Debusscher
Er is veel te doen om ‘Avatar’, niet in het minst vanwege de hoeveelheid geld die de film al in het laatje heeft gebracht. En, toegegeven, voor een film die zich vrijwel integraal afspeelt op een andere planeet met drie meter lange mensachtigen als the good guys is dit een indrukwekkende verwezenlijking. Daar waar science-fiction en fantasy verhalen nog niet zo lang geleden tot de verguisde nerd subcultuur behoorden, zijn ze ondertussen een volledig geaccepteerd deel van de mainstream popcultuur, getuige ‘Avatar’. Maar hoewel het design uitmuntend is en de technieken die Cameron voor deze film ontwikkelde vooruitstrevend en grensverleggend zijn, is ‘Avatar’ op geen enkele manier “de Sergeant Pepper van de scifi”, zoals Tom Vandyck schreef.
Waarom? Omdat de driedimensionale visuele pracht ruimschoots gecompenseerd wordt door de eendimensionale personages die het stereotype verhaaltje bevolken. Het zijn (bijna) drie entertainende uren, zeker wel, maar ze zijn ongeveer even intellectueel stimulerend als een Michael Bay film. Daar is uiteraard niets mis mee, maar laten we niet te snel onder de indruk zijn van oude wijn in computer gegenereerde zakken. Na audio-visuele sci-fi als ‘Blade Runner’, de recente ‘Battelstar Galactica’ reeks of zelfs ‘The Man From Earth’ – ik zeg maar wat – is ‘Avatar’ niet veel meer dan een mooi, breedgeschouderd, maar ietwat debiel bastaardkindje.
Ben ik trouwens de enige die denkt dat de mensheid na het einde van de film gewoon terugkeert om het hele planeetoppervlak plat te bombarderen?
Folker Debusscher
Abonneren op:
Berichten (Atom)

